Om zaken weer vlot te trekken, na de afschaffing van het Programma Aanpak Stikstof (het PAS), wat als redelijk discutabele opvolger van de wet op de Natuurbescherming in 2015 werd gelanceerd, moeten we concessies doen. Iedereen zal daar vanuit zijn eigen perspectief en referentiekader ideeën over hebben.

En dat sommige oplossingen lijnrecht tegenover elkaar staan, mag inmiddels helder zijn. Maar, we zullen wat moeten. Wat we echter volgens ons in ieder geval niet moeten doen, is het verminderen of verkleinen van Natura-2000 gebieden. Oftewel de Europese Commissie vragen om natuurgebieden te schrappen van de Europese lijst. Er wordt soms gezegd dat Nederland teveel en te kleine natuurgebieden heeft aangewezen.

Dit blijkt echter geenszins het geval. Nederland heeft helemaal niet zoveel natuurgebieden. Van de Europese landen komt Nederland op plek 15 van de 24, qua aantal gecorrigeerd naar landoppervlakte. En België en Duitsland blijken bijvoorbeeld gemiddeld genomen kleinere gebieden dan Nederland te hebben aangewezen. Daarnaast lijkt het schrappen van natuurgebieden ook niet zomaar door de Europese Commissieminder kwaliteit worden, lijkt ons geen goed idee. Dat is de kop in het zand steken, want de in onze omgeving zo duidelijk te hoge concentratie van stikstof, blijft dan natuurlijk zo hoog als het is.

We zullen ons moeten realiseren dat op onze postzegel Nederland de ambities té hoog zijn. We zijn de vierde economie ter wereld. We staan op plek twee na de VS wat betreft landbouwexport. En dat laatste in echte kilo’s. We exporteren dus méér dan bijvoorbeeld het zoveel grotere Duitsland of Frankrijk. Waar zijn we dan in hemelsnaam mee bezig? Wát vinden we echt belangrijk? En natuurlijk moet de economie goed draaien, maar wie wordt er nu echt beter van? En is er zicht op wat sectoren toevoegen als er geen subsidies in omgaan? De oplossing zal niet makkelijk zijn, maar aandacht en oog voor hoe we onze zwaar belaste omgeving achterlaten voor onze jeugd zou, ons inziens, voorop moeten staan.